sitemap Plaagdieren (18 of 87)
Plaagdieren (18 of 87)



15a Spreeuw

Spreeuw (Sturnus vulgaris L. )
Donkerbruine tot zwarte veren, met een schitterende groenpaarse glans. In de
winter verschijnen lichtgekleurde vlekken. De snavel is geel in de zomer en
zwart in de winter. De spreeuw kan goed imiteren. Alleseter, de jongen
worden voornamelijk gevoerd met insecten. Zoeken voor hun nest een holte
b.v. onder dakpannen of in bomen. Verzamelen zich in het najaar in grote
groepen van duizenden exemplaren bij slaapplaatsen.
Schade: Kunnen grote schade aanrichten in kersenboomgaarden. Geluidshinder.
Door de grote aantallen kunnen ze de omgeving ernstig vervuilen. Kunnen ziekten
overbrengen zoals hersenontsteking, vogelziekte en histoplasmose
(schimmelinfectie).De spreeuw is tijdens het broedseizoen (1 juni t/m
30 november beschermd). Voor het verjagen buiten die periode is
toestemming van de overheid nodig.